Expeditie Beagle - Marieke Giele, wetenschappelijk onderzoeker

De man achter de evolutietheorie is Charles Darwin. Hij baseerde zijn theorie op de natuurlijke selectie, 'survival of the fittest' (overleven van de best aangepaste die zich daardoor kan voortplanten) en overerving van gunstige eigenschappen. Met deze evolutietheorie heeft Darwin veel mysteries in de natuur kunnen oplossen. Maar één prangende vraag heeft Darwin niet beantwoord: Hoe zal het leven zich in de toekomst voortzetten op aarde?
Het antwoord op deze vraag kan alleen gegeven worden door te speculeren. Niemand kan immers in de toekomst kijken. Aan de hand van structuren die ik heb ontdekt in ons verleden zal ik toch proberen om een zo aannemelijk mogelijk beeld van het toekomstige leven op aarde te schetsen. Omdat de veranderingen op aarde van zeer grote omvang zullen zijn, zal ik mij daarbij alleen op de evolutie van de mens richten. Daarbij ga ik uit van het toekomstbeeld over één miljoen jaar, omdat er dan pas duidelijke veranderingen in onze evolutie zichtbaar zullen zijn.

Dommer
De mens zal in deze tijdsperiode van één miljoen jaar steeds 'dommer' worden. Tegenwoordig krijgen 'slimme' mensen namelijk steeds minder kinderen. Zij zullen hun 'slimme' genen dus steeds minder doorgeven. In lagere milieus, waar de mensen minder 'slim' zijn, gaat het geboortecijfer niet omlaag, waardoor het aantal 'minder slimme' genen dat aan de toekomstige generaties zal worden doorgegeven, niet zal dalen. Het gevolg van deze twee ontwikkelingen zal zijn dat in de toekomst een steeds groter deel van de mensen 'dom' zal zijn. In enkele generaties is dat niet te merken, maar deze ontwikkeling zal er wel toe leiden dat de mensen over één miljoen jaar dommer zullen zijn.

Overlevingsstrijd
Dit zal ook gevolgen met zich meebrengen voor de onderlinge verhoudingen tussen mensen. Als mensen 'dommer' worden, zullen ze ook niet meer in staat zijn om grote, uitgedachte voedselprocessen te onderhouden. Dat zal zorgen voor een tekort aan voedingsmiddelen, wat tot gevolg heeft dat de mensen met elkaar de strijd aan zullen moeten gaan om te kunnen overleven. Alle mensen zullen veel moeite hebben om aan hun eerste levensbehoeften te kunnen voldoen. Daarbij zullen ze vooral op hun instinct afgaan. Doordat de mensen niet meer nadenken bij de handelingen die ze verrichten, zullen ze weer het gedrag van dieren gaan vertonen. De mens is dan weer terug bij het begin van haar ontstaan.

Daarbij refereer ik aan de filosofie van Hobbes. Hij behandelt in zijn theorie een gedachte-experiment, waarbij hij teruggaat naar de natuurtoestand van de mens. In die natuurtoestand zullen mensen met elkaar de strijd aangaan om de schaarse middelen die er zijn. Zo proberen zij te overleven. De mens is daarbij van zichzelf egoïstisch en kan vanwege de tekorten geen samenleving vormen.
Er zal dus weer een 'survival of the fittest'-cultuur ontstaan, waarin de mens niet alleen moet vrezen voor gevaarlijke dieren, maar ook voor andere mensen. Daarbij zullen de mensen wel kleine groepen vormen om hun overlevingskansen te vergroten. Die groepen zullen echter nooit groot worden, want dat zal de 'dierlijke' mens niet aankunnen. Bij een grote groep zal de individuele mens ondergeschikt zijn aan de groep. Voor 'domme' mensen is het nut van deze groepsvorming moeilijk te begrijpen. Zij zullen dat stadium dan ook niet bereiken.

Hoogtepunt
In deze natuurtoestand kan het uiteindelijk twee richtingen uitgaan. Als zich langzamerhand een denkende mens met een grotere overlevingskans ontwikkelt, dan zal de mens zich weer kunnen ontwikkelen tot een denkende mens. Als dat niet gebeurt, kan de strijd tussen de mensen leiden tot het uitsterven van de mensheid.
Wij leven nu, in de 21-ste eeuw, dus op een hoogtepunt van de menselijke evolutie. Zolang de mens zal bestaan, zal de evolutie alleen blijven plaatsvinden in een golfbeweging met als piek de mens en de beschaving zoals wij die nu kennen.


terug naar Geschiedenis






^