Kathleen Rocquemore - Numerologie

Kosmos, Utrecht 1994 ISBN 90.215.2388.4
(Opmerkingen tussen haakjes zijn van mij, Freek)

Inhoud

Een - De eenling, de enkeling (het ingekeerde willen)
Twee - Samenwerking en gevoel (het uitgekeerde voelen)
Drie - Uitdrukking en taal (het uitgekeerde denken)
Vier - Werk en zelfbeheersing (het ingekeerd waarnemen)
Vijf - Vrijheid en afwisseling (het uitgekeerd waarnemen)
Zes - Dienstbaarheid en verantwoordelijkheid (het ingekeerde voelen)
Zeven - Innerlijke wijsheid (het ingekeerde denken)
Acht - Materieel succes en prestatievermogen (het uitgekeerde willen).
Negen - volmaaktheid, volledigheid, voltooiing, vervulling


Een - De eenling, de enkeling (het ingekeerde willen)

1 Algemeen: de een is het getal van wilskracht, zelfwerkzaamheid, macht (het willen);
de een staat alleen, op zichzelf, is ingekeerd (de ingekeerde instelling);

2 Ontwikkeld: de ontwikkelde een heeft in de eerste plaats belangstelling voor de eigen ontwikkeling, de eigen zelfverwerkelijking;
wil meester zijn over zichzelf, over zijn eigen levensstijl, wil zijn eigen leven inrichten;
is een geboren individualist, getuigt van onafhankelijkheid, zelfstandigheid;
is een leider, dirigent, bestuurder, initiatiefnemer, voortrekker, baanbreker, pionier;
is voortvarend, doelgericht, strijdvaardig;
is oorspronkelijk, vindingrijk;
bezit moed, gelooft in zichzelf, gelooft in zijn eigen, vastomlijnde denkbeelden en wil die verwerkelijken; maar is beter in het máken van plannen dan in de tijdrovende ?itwerking ervan;
wenst dat men doet wat hij of zij zegt, wil zichzelf doen gelden;
spoort aan, moedigt aan, wil anderen de weg wijzen; maar de anderen moeten wel voldoen aan de eigen maatstaven;
is ingekeerd, maar toch vlot in de omgang;
werkt het liefst alleen als werkgever, eigen baas;
verwaarloost de bijzaken (het uitgekeerd waarnemen) voor de grote lijn.

3 Onontwikkeld: de onontwikkelde een komt in opstand tegen het gezag van anderen, spreekt graag tegen, is koppig, is een raddraaier;
heeft niet veel vrienden; werkt remmend op anderen;
is trots en streeft naar bewondering;
stelt uit, is lui;
neigt tot zelfzucht, zelfgerichtheid; is zo gericht op eigen gedachten en gevoelens, dat hij of zij onnadenkend en ongevoelig is; is onbeschaamd;
tracht de baas te spelen, te overheersen, loopt over anderen heen, is agressief, een vechtjas.

4 Wat moet worden ontwikkeld: vriendelijkheid, aandacht, belangstelling voor medemensen (het uitgekeerde waarnemen);
moet trachten zich van zijn remmingen te bevrijden (de ingekeerde instelling);
alles wat op zijn of haar weg komt, moet nauwkeurig worden waargenomen en beoordeeld; zou op ontdekkingsreis moeten gaan om het ongeziene te gaan zien (uitgekeerd waarnemen).

terug naar de Inhoud


Twee - Samenwerking en gevoel (het uitgekeerde voelen)

1 Algemeen: de twee is het getal van de liefde, van de overgave aan de ander, de dienstbaarheid, de onderwerping (voelen).
de twee staat voor de ander, vriendschap, erbij willen horen (de uitgekeerde instelling);

2 Ontwikkeld: de ontwikkelde twee streeft naar overeenstemming;
houdt rekening met anderen, is verdraagzaam, zachtmoedig, tactvol, ontvankelijk, gevoelig, meegaand, rustig; heeft aanpassingsvermogen, is bescheiden, geduldig, vriendelijk, is gemakkelijk in de omgang;
is vredelievend, een vredestichter, streeft naar het verzoenen van tegenstellingen;
is liever niet alleen, moet iets voor anderen kunnen doen; wil graag met anderen samenwerken, maar speelt daarbij het liefst een rol op de achtergrond;
kan goed luisteren, staat open voor moeilijkheden van anderen en kan goed geheimen bewaren;
vindt het heerlijk anderen een plezier te doen, maar wil ook zelf graag worden geprezen; vindt het belangrijk dat anderen hem of haar aardig vinden; is soms te behulpzaam;
is snel tot tranen toe geroerd, gauw verliefd;
is snel gekwetst en tracht te vermijden anderen pijn te doen;
houdt van orde en netheid en heeft oog voor kleinigheden, heeft waardering voor de kleine dingen;
heeft maatgevoel en houdt van muziek.

3 Onontwikkeld: de onontwikkelde twee is overgevoelig, nerveus, vergeetachtig;
is verlegen, heeft geen moed of is snel ontmoedigd;
is onverschillig, zorgeloos, ontevreden;
is humeurig en opvliegend;
is mokkend, geniepig, vleiend, wreed, stookt onrust;
zit vol kritiek, is pessimistisch (ingekeerd denken);

4 Wat moet worden ontwikkeld: het vermogen een doel te kiezen en dit met kracht en overtuiging na te streven (het ingekeerd denken). Moet zich niet steeds door anderen laten beïnvloeden.

terug naar de Inhoud


Drie - Uitdrukking en taal (het uitgekeerde denken)

1 Algemeen: het getal drie staat voor zelfexpressie, zich uiten, verbeeldingskracht (denken);
de drie is op het leven, op gezelschap gericht (de uitgekeerde instelling).

2 Ontwikkeld: de ontwikkelde drie is verstandig, heeft verbeeldingskracht, is intelligent (denkvermogen);
weet de moeilijkheden van het leven het hoofd te bieden (denkend te verwerken) en is daardoor een voorbeeld voor anderen;
zoekt naar uitingsmogelijkheden voor denkbeelden en overtuigingen; zegt hardop wat hij of zij denkt, geeft in gezelschap de toon aan, is spraakzaam en heeft altijd wel een onderwerp bij de hand, kan goed zijn woordje doen, goed gedachten onder woorden brengen, heeft de gave van het woord, verheft makkelijk zijn of haar stem;
is een uitgesproken persoonlijkheid, is optimistisch, heeft een goede smaak; is geestig, vriendelijk, innemend;
gooit graag de knuppel in het hoenderhok om een antwoord van anderen uit te lokken; zegt altijd duidelijk zijn mening en verwacht dat anderen dat ook doen;
is liever niet alleen, heeft behoefte aan veel vrienden, gezelschap;
zou graag een belangrijk boek willen schrijven.

3 Onontwikkeld: de onontwikkelde drie is oppervlakkig, overkritisch, neigt tot roddelen en schijnheiligheid;
zegt wat voor de mond komt en weet van geen ophouden, denkt daarbij niet aan anderen;
spreekt snel een oordeel uit, kan langdurig praten en toch niets zeggen, is luidruchtig, bijdehand;
heeft een zo grote verbeeldingskracht dat hij of zij geneigd is de eigen fantasieverhalen voor werkelijk te houden;
is ijdel, jaloers, onverdraagzaam, laf, maakt zich zorgen over niets en voelt zich snel in zijn trots gekwetst, loopt met gevoelens te koop (ingekeerd voelen);
de gevoeligheid grenst soms aan hysterie; heeft de neiging in paniek te raken (ingekeerd voelen).

4 Wat moet worden ontwikkeld: zelfbeheersing en geduld (het ingekeerde voelen); trachten het leven te begrijpen tot heil van de medemensen.

terug naar de Inhoud


Vier - Werk en zelfbeheersing (het ingekeerd waarnemen)

1 Algemeen: de vier staat voor aandacht, concentratievermogen (waarnemingsvermogen, de zin voor de werkelijkheid);
de vier heeft oog voor bijzonderheden (de ingekeerde instelling).

2 Ontwikkeld: de ontwikkelde vier is praktisch, geduldig, nauwgezet, betrouwbaar, eenvoudig, spaarzaam, behoudend, heeft uithoudingsvermogen;
houdt van orde, netheid, regelmaat, streeft naar volmaaktheid;
is toegewijd, dienstbaar, gewetensvol, stipt, arbeidzaam, geduldig, doet het liefst dingen, die veel aandacht vereisen;
kan onderdanig zijn en is daardoor een goed werknemer; beheerst zichzelf en doet wat er gedaan moet worden; laat het plannen maken aan anderen over en wil daar dan wel hard voor werken, maar heeft een hekel aan haast;
houdt van gezin, huis, leefgemeenschap en vaderland, en werkt daar graag voor; zou het middelpunt willen zijn, dat alles tesamen bindt; zegt niet veel, loopt niet met zichzelf te koop, is soms verlegen, geneigd gevoelens te onderdrukken;
heeft een grote behoefte aan aandacht, maar geeft weinig terug;
heeft oog voor verhoudingen (kunstzinnigheid), bijzonderheden, is aandachtig.

3 Onontwikkeld: de onontwikkelde vier is onopvallend, kleurloos, saai, kleingeestig; is ongezellig, kortaf, koud, geremd;
kan zich verliezen in onbenullighedenen en bijzaken, is niet in staat het geheel te overzien, beschouwt alles alleen vanuit een praktisch oogpunt (wat heb ik eraan); slechts de dingen waar men met de neus op wordt gedrukt, vallen op;
verschuilt zich achter een streng masker, maar heeft behoefte aan aandacht; wordt die geschonken, dan valt het deze vier moeilijk daarop te reageren;
is een sleurmens, een sloof, een zwoeger, een ploeteraar;
kan ongevoelig, haatdragend en onmenselijk zijn (angstverdringend); kan gewelddadig, bruut, wreed zijn; driftmatig zijn (instinctief) (het onbeheerste uitgekeerde willen).

4 Wat moet worden ontwikkeld: het vermogen zich los te maken van overleefde standpunten en zich open te stellen voor het nieuwe.

terug naar de Inhoud


Vijf - Vrijheid en afwisseling (het uitgekeerd waarnemen)

1 Algemeen: de vijf staat voor zintuiglijkheid, genieten, levensvreugde, weetgierigheid (waarnemen);
de vijf heeft aanpassingsvermogen, is gesteld op gezelligheid en op mensen om zich heen (de uitgekeerde instelling).

2 Ontwikkeld: de ontwikkelde vijf wordt geboeid door het leven;
heeft aandacht voor alles wat er in de omgeving gebeurt, wil veel ervaringen opdoen; heeft een goed waarnemingsvermogen en een onderzoekende geest, is veelzijdig, heeft uiteenlopende belangstellingen;
is nieuwsgierig, weetgierig, wil graag veel nieuwe dingen zien, is daardoor veranderlijk, avontuurlijk, reislustig;
heeft de neiging op te scheppen en te overdrijven, houdt ervan de aandacht op zich te vestigen (ingekeerd willen);
wil een leven vol verandering, prikkeling, opwinding;
heeft vrijheid nodig op elk gebied, is niet vast te houden, moet op zijn eigen wijze het leven ervaren en ervaring opdoen;
heeft begrip voor anderen en heeft mensenkennis, ontmoet graag weer nieuwe mensen; wil het middelpunt van het gezelschap zijn;
heeft een grote aantrekkingskracht op het andere geslacht; is vriendelijk in de omgang, gesteld op het andere geslacht;

3 Onontwikkeld: de onontwikkelde vijf heeft een slechte smaak; is onnadenkend; zorgeloos, heeft gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel; is zelftoegevend, heeft gebrek aan zelfbeheersing, heeft een hekel aan wachten (onbeheerst willen);
kan zich overgeven aan zintuiglijk genot in allerlei vormen, zoals te veel eten; raakt snel verveeld en heeft een grote behoefte aan vermaak, bezigheden en afwisseling daarin; is nooit tevreden, verlangt voortdurend iets anders (onbeheerst willen);
is rusteloos, oppervlakkig, geneigd alles uit stellen.

4 Wat moet worden ontwikkeld: geduld en een doel om na te streven (ingekeerd willen).

terug naar de Inhoud


Zes - dienstbaarheid, verantwoordelijkheid (het ingekeerde voelen)

1 Algemeen: de zes staat voor liefde, zorgzaamheid, tevredenheid, medeleven en hartelijkheid (voelen);
zes staat voor het tehuis, huiselijkheid, innerlijke rust (de ingekeerde instelling);
zes is het vader- of moedergetal, de toegewijde ouder.

2 Ontwikkeld: de ontwikkelde zes streeft naar overeenstemming, is vredelievend, meegaand; heeft verantwoordelijkheidsgevoel en is rechtvaardig; geeft aandacht, bescherming, veiligheid, maar verlangt daar zelf ook naar;
is idealistisch, toegewijd, gewetensvol, behoudend;
is vol begrip, ruimdenkend, vriendelijk, meelevend;
geeft graag raad, vertelt anderen hoe ze moeten leven en streeft ernaar het zedelijke peil van de omgeving te verhogen (opvoeding); streeft ernaar anderen te dienen, maar moet oppassen dit niet op te dringen; is niet bazig, maar houdt echt van de mensen en wil iedereen helpen;
is huiselijk, het leven bestaat uit gezin, familie, huis en vrienden; wil graag een plekje voor zichzelf hebben;
heeft door het plichtsgevoel weinig persoonlijke vrijheid;
raakt gevoelsmatig snel bij iets betrokken en heeft de neiging zich alles persoonlijk aan te trekken;
is niet tot studie geneigd (denken), maar zal het op school toch goed doen uit plichtsgevoel;
draagt zorg voor alle bezittingen; is bang voor armoede en geeft niet graag geld uit; voelt zich het gelukkigst met een flinke spaarrekening als achterdeurtje.

3 Onontwikkeld: deze zes is medelijdend, afhankelijk, angstig;
wantrouwend, bekrompen, jaloers, cynisch;
kan niet ophouden met piekeren, heeft de neiging zich overal mee te bemoeien en een huistiran te worden (uitgekeerd denken).

4 Wat moet worden ontwikkeld: anderen met rust te laten en hen voor zichzelf op kunnen laten komen (het uitgekeerde denken)

terug naar de Inhoud


Zeven - innerlijke wijsheid (het ingekeerde denken)

1 Algemeen: zeven staat voor wetenschappelijk onderzoek, geestelijk inzicht (denken);
zeven is de zelfbespiegeling, op de persoon gericht (de ingekeerde instelling),
zeven is het getal van de geestelijke vorser.

2 Ontwikkeld: de ontwikkelde zeven benadert zaken verstandelijk en wetenschappelijk, is deskundig op zijn of haar gebied; bekijkt dingen en zaken van alle kanten en ontleedt ze dan, haalt ze uit elkaar om tot de kern te kunnen doordringen; neemt nauwkeurig waar, is aandachtig, neemt alles in zich op en maakt vervolgens zijn gevolgtrekkingen; leest veel en maakt van allerlei zaken een diepgaande studie;
streeft naar wijsheid en volmaaktheid, wil de dingen voor zichzelf uitdenken, streeft naar zelfkennis, zelfonderzoek; heeft stilte, rust en vrede om zich heen nodig om te kunnen nadenken, te mediteren en zich op zichzelf te kunnen bezinnen; is geestelijk ingesteld, intuïtief, heeft belangstelling voor parapsychologie, voor de wereld van het ongeziene;
is een mens van weinig woorden; heeft een hekel aan mensen, die praten zonder kennis van zaken;
is behoudend, gesloten, teruggetrokken, afstandelijk, wat verlegen; maar straalt innerlijke rust en vrede uit; weet dat zijn of haar oordeel juist is en is moeilijk van gedachten te veranderen;
houdt van boeken; kan in een eigen wereldje leven en alles buitensluiten; zal nooit ongevraagd zijn diensten aanbieden;
heeft geloof, is vertrouwend, beschaafd, maar houdt gevoelens voor zichzelf, waardoor anderen deze persoonlijkheid moeilijk leren kennen (onbeheerst gevoel);
geniet van muziek.

3 Onontwikkeld: de onontwikkelde zeven is verlegen, nerveus, zwaarmoedig, heeft gebrek aan vertrouwen (uitgekeerd voelen); heeft een geestelijke instelling die moet worden aangemoedigd; schuift besluiten voor zich uit;
is afstandelijk, onverschillig, koud, ontoeschietelijk en moet ervoor waken zich teveel terug te trekken en een kluizenaar te worden (de ingekeerde instelling);
is sceptisch, sarcastisch, verward.

4 Wat moet worden ontwikkeld: de zeven moet ervoor zorgen zich niet eenzaam te gaan voelen, los te komen van angsten en anderen trachten te begrijpen (het uitgekeerde gevoel);
moet beseffen dat er maar een ding is om bang voor te zijn en dat is de angst zelf (het onbeheerste, uitgekeerde gevoel).

terug naar de Inhoud


Acht - materieel succes en prestatievermogen (het uitgekeerde willen), de stoffelijke wereld.

1 Algemeen: de acht vertegenwoordigt kracht, uitvoering, doelgerichtheid (willen);
acht staat voor welslagen op zakelijk, stoffelijk gebied (de uitgekeerde instelling).

2 Ontwikkeld: de ontwikkelde acht heeft natuurlijk gezag, leiderseigenschappen, doorzettingsvermogen; streeft naar macht, zeggenschap; straalt bekwaamheid uit, zelfvertrouwen en zelfbeheersing; heeft de kracht, de geestdrift en de verbeeldingskracht om de voornemens te verwerkelijken; heeft het vermogen de dingen in praktijk te brengen, heeft een praktische zin; kan goed beoordelen of een onderneming kans van slagen heeft;
streeft naar persoonlijke vrijheid, naar de verwerkelijking van eigen denkbeelden; heeft diplomatieke gaven, speelt de baas zonder dat anderen dat merken, heeft organisatietalent, een goed oog voor de juiste taakverdeling;
maakt een krachtige indruk en heeft een overheersende persoonlijkheid; wil de top bereiken en ziet niet op tegen de moeilijkheden die daarbij moeten worden overwonnen; wil veel geld verdienen; is eerzuchtig, houdt van geld en succes; streeft naar erkenning en bewondering, streeft ernaar een succesvolle persoon te zijn;
heeft wel oog voor de grote lijn, maar niet voor bijzonderheden of bijzaken (ingekeerd waarnemen);
heeft belangstelling voor de handel, de geld- en zakenwereld, is een geboren zakenman of zakenvrouw, ziet er graag verzorgd uit en draagt kleren die er duur uitzien.

3 Onontwikkeld: de onontwikkelde acht wordt gekenmerkt door machtswellust, door streven naar erkenning en stoffelijk gewin;
is een intrigant; kan wreed, gewetenloos en overheersend zijn;
verspilt zijn krachten;
heeft geen onderscheidingsvermogen (waarnemen).

4 Wat moet worden ontwikkeld: verdraagzaamheid, ervoor oppassen materialistisch te worden; moet leren met de stof te werken zonder er de slaaf van te worden.

terug naar de Inhoud


Negen - volmaaktheid, volledigheid, voltooiing, vervulling

1 Algemeen: het getal negen betekent de heelheid, vervolmaaktheid, de liefde voor het al;
bij de ontwikkelde toestand wijst dit erop, dat de andere getallen zijn doorgewerkt.
negen is het geluksgetal;

2 Ontwikkeld: de ontwikkelde negen vertegenwoordigt de algemene broeder- en zusterschap;
hij of zij beschouwt alle mensen als leden van een groot gezin, als kinderen van één Vader;
streeft naar schoonheid en overeenstemming (waarnemen);
is begrijpend, nadenkend, heeft een brede kijk op het leven, heeft een innige behoefte om achter de antwoorden op de grote levensvragen te komen, zoekt naar algemene waarheden; wil kennis, gaven, overtuigingen, wijsheid, bezit met anderen delen (denken);
is menslievend, barmhartig, dienstvaardig en onzelfzuchtig, romantisch, gevoelig (voelen);
werkt goed, is samenwerkend en onafhankelijk; wil graag iets voor medemensen doen, wil graag iets doen wat tot wezenlijk heil voor de mensheid zal zijn; kent de betekenis van het woord vrijheid en daarmee de waarde van tucht en zelfbeheersing; verleent onbaatzuchtig zijn of haar diensten (willen);
is geestelijk ingesteld, heeft kunstzinnige gaven, maakt graag muziek, is smaakvol gekleed;
is een duizenpoot die alles aanpakt en tot een goed einde brengt, is een manusje van alles die alles kan.

3 Onontwikkeld: deze negen heeft gebrek aan inzicht, doet aan dagdromen;
heeft een neiging tot generaliseren, is niet zeker van zijn of haar standpunt en houdt er niet van zich te verdedigen;
is sentimenteel, overgevoelig, tactloos, verbitterd, immoreel;
is wispelturig, onverschillig, zelfzuchtig;
kan alle kanten op en weet daardoor geen keuze te maken.

4 Wat moet worden ontwikkeld: het leren beheersen (willen) van de gevoelens; moet leren zichzelf te geven (voelen) en zich een duidelijk doel stellen (denken) (m.a.w. de ontwikkeling van de geestelijke vermogens).


terug naar het literatuuroverzicht






^