geestelijke begeleiding


De aarde is een soort vrije school, waar de menselijke geest schijnbaar aan zichzelf is overgeleverd. In die toestand moet de mens zélf keuzes maken en zelf besluiten wat te doen met de gebeurtenissen, die in de 'stroom van de tijd' op de mens toekomen. Het is een leerschool, waar geen leraar voor de klas staat, maar waarin de mens zijn eigen leermeester is door ondervinding op te doen met de gevolgen van zijn of haar eigen keuzes, uitspraken en daden. Eigen ondervinding is immers de beste leermeester.
De menselijke geest is echter niet geheel aan zichzelf overgeleverd, want dat zou zeker niet leiden tot geestelijke groei, maar tot bandeloosheid, tot een onmatig najagen van zintuiglijk genot en het botvieren van machtswellust. Om dat te voorkomen zijn er op aarde de ouders die hun kinderen begeleiden en trachten op te voeden om zo een goed gezinsleven mogelijk te maken; en in overeenstemming daarmee kwamen er geestelijke leraren naar de aarde om voor de mensheid een pad van geestelijke ontwikkeling mogelijk te maken en zijn er in de geestelijke wereld menselijke geesten, die van daaruit de mens op aarde persoonlijk begeleiden op dat pad.

Boven allen staat ten slotte Gods heilige geest, die eenmaal in de persoon van Jezus bij de mensheid op aarde is geweest. In de evangeliën wordt de heilige geest aangeduid met het Griekse woord 'parakleitos', dat: 'bijstaan', 'ondersteunen' en 'troosten' betekent.
Dat zijn ook de kenmerken van Gods engelen; zij zijn een 'boodschapper' voor de mens - de betekenis van het woord 'angelos' - en na de ingeving van die boodschap laten zij het aan de vrije keuze van de mens over wat die daar al dan niet mee gaat doen.
Het zijn ook de kenmerken van de broeders en zusters, die vanuit de geestelijke wereld onmerkbaar de mens op aarde door ingevingen op het pad trachten te houden, waarop die zijn of haar levensbestemming kan volbrengen. Zij zijn 'begeleiders', want zij vergezellen de mens, onmerkbaar gaan zij samen met de mens diens pad, zij ondersteunen en staan de mens bij als hulp nodig is, want zij laten de mens zoveel als mogelijk is eerst zélf besluiten, spreken en handelen, en grijpen pas in als een ontwikkeling de verkeerde kant dreigt op te gaan.

Een 'leider' daarentegen neemt de besluiten en bestuurt de mens, stuurt hem of haar een bepaalde kant op, wijst de weg die de mens moet gaan, voert de mens op een bepaald pad.
Ook een 'gids' is een leidsman of leidsvrouw die de weg wijst, die de mens meeneemt naar een bepaald punt en besluit wat het volgende doel zal zijn, die de mens bij de hand neemt en rondleidt door een onbekend gebied (maar met een gids kan wel sprake zijn van onderling overleg, in tegenstelling tot de besluiten die een leider neemt).

Het volgende is te lezen in 'Hemelse Verborgenheden' van Emanuel Swedenborg:

5861. "Hieruit blijkt dat de mens wanneer hij in de wereld leeft, ten aanzien van zijn innerlijke dingen, dus ten aanzien van zijn geest, met andere geesten in gezelschap is en dus zo met hen is verbonden dat hij niet iets denken noch willen kan, tenzij tezamen met hen en dat er zo verbinding is van zijn innerlijke dingen met de geestelijke wereld; en dat hij zo en niet anders door de Heer kan worden geleid.
Wanneer de mens in het andere leven komt, brengt hij het ongeloof met zich mee dat er geen geest bij hem is geweest; te minder iemand vanuit de hel; daarom wordt hem, indien hij dat verlangt, het gezelschap van geesten getoond dat samen met hem is geweest en waaruit afgezant-geesten bij hem zijn geweest; ook keert hij na ettelijke staten die hij eerst moet doorlopen, tenslotte tot hetzelfde gezelschap terug, omdat dit met zijn liefde, die de heerschappij had gevoerd, één had gehandeld; ik heb enige malen gezien dat gezelschappen aan hen werden getoond."


terug naar de vragenlijst






^