herdenking van overledenen


Wat is de betekenis van de herdenking van overledenen?
Volgens Emanuel Swedenborg maken wij onze geestelijke ontwikkeling door in groepen. Hij noemt ze ‘gezelschappen’. Ook bij Steiner kan men deze gedachte terugvinden.
Een deel van het gezelschap is op aarde, een deel is thuis gebleven met de bedoeling hen, die op aarde zijn, te begeleiden. Zo spannen mensen zich voortdurend voor elkaar in om elkaars geestelijke groei te bevorderen.
Volgens de Rozekruizer Max Heindel is de mensheid tijdens de eerste helft van haar miljoenen jaren durende ontwikkeling eerst door Gods engelen zo vanuit de geestelijke wereld geholpen, maar toen de mensheid de helft van haar ontwikkeling erop had zitten, moest zij de taak van de engelen overnemen en zelf leren zorgen voor hen die door geboorte op aarde zijn.
Dat gebeurde tijdens de beschaving die de Turaniërs wordt genoemd, op Atlantis. Zie hiervoor ook de lezing over de geschiedenis van de mensheid.

Dat betekent dat het wel degelijk zin heeft overledenen, geesten die weer naar huis zijn gegaan, op aarde te gedenken. Dat houdt de band levend die er in feite altijd was, is en zal zijn. Als men hier op aarde tenminste een familieband of een vriendschapsband met die persoon heeft gehad.
Bidden voor een overledene heeft zin. Dat dit in het vroege christendom ook speelde, blijkt wel uit de viering van ‘Allerzielen’ in de Rooms-Katholieke Kerk. Daar is het herdenken van de overledenen in de loop der tijden tot een soort instituut geworden.
Wat een belemmering kan zijn voor overledenen is een groot verdriet om het verlies van hen die op aarde zijn achtergebleven. Als dat langdurig aan blijft houden, kan dat een rem zijn voor de verdere ontwikkeling van hem of haar die weer thuis is gekomen.

In oude culturen werd aan voorouderverering gedaan. Dat heeft hier in feite mee te maken. Ervan uitgaande dat de mensheid in vroeger tijden nog een oude helderziendheid bezat, zoals vermeld in de esoterische literatuur (Lorber, Swedenborg, Steiner, Heindel o.a.), zag de mens op aarde op helderziende wijze zijn of haar overleden voorouders in de geestelijke wereld. Toen die helderziendheid afnam (tot de mens op aarde nu volkomen onbewust is geworden voor die wereld) werd de gewoonte ontwikkeld in plaats daarvan de voorouders te herdenken en dat deed men aan de hand van voorwerpen, die aan hem of haar herinneren (bij de Bataks b.v. worden beelden van de overledenen duidelijk zichtbaar in een bepaald huis gezet, bij de Andesindianen werd het gebalsemde lijk in huis in een kamer gezet, enz.).

Er zijn altijd familie- en vriendschapsbanden over en weer en het heeft dus zin dat in gedachten te houden. Zij die in de geestelijke wereld zijn, ervaren het als er op aarde over hen wordt gesproken of aan hen wordt gedacht. Dat doet hen goed.

In de huidige tijd zien maar weinigen dit zo. De meeste mensen steken lichtjes aan bij foto’s van overledenen voor hun eigen rouwverwerking en denken dat er na de ‘dood’ niets meer is. De ‘dood’ geldt echter alleen voor de stoffelijke levensvorm; de geest ‘overlijdt’, d.w.z. ‘wordt overgeleid’ naar de geestelijke wereld door dezelfde begeleiders, die altijd al bij die mens zijn geweest.
In het Middelnederlandse Woordenboek is te vinden dat ‘overlijden’ betekent: ‘overgeleid worden’, maar dat inzicht is door de eenzijdige gerichtheid op de aarde verloren gegaan.


terug naar de vragenlijst






^