gemoed


Het gemoed is de geest als het vermogen om te voelen; het gemoed is de geest als het (geestelijke) hart.
In sommige levensbeschouwingen wordt wel gesteld dat het 'gemoed' gelíjk is aan de geest. In plaats van de geest wordt dan het gemoed als de zelfstandigheid beschreven, die werkzaam is met behulp van de geestelijke vermogens, bijvoorbeeld: het gemoed denkt, het gemoed wil. Dit berust op de eenzijdige vereenzelviging van de geest met één van de vermogens, in dit geval het voelen. Dit is eenzelfde soort van eenzijdigheid als die, waarbij wordt gesteld dat de geest gelijk is aan het denken.
De ervaarbare werkelijkheid is dat de geest de bewuste levenskracht is, die zowel kan denken als voelen; terwijl met het zich bewust zijn van de bewuste levenskracht het waarnemen en met de levenskracht het willen samenhangt.


terug naar de woordenlijst






^