instelling


De instelling is de gerichtheid van de werkzaamheid van de geestelijke vermogens.
De werkzaamheid van de vermogens kan zijn ingesteld op de eigen binnenwereld, het persoonlijke leven en een kleine groep van personen met wie een persoonlijke band bestaat, wat de ingekeerde instelling is; of zij kan zijn ingesteld op de buitenwereld en de gemeenschap, wat de uitgekeerde instelling is.
Bij de ingekeerde instelling geven de eisen die het bestaan van de eigen persoon stelt de doorslag bij beslissingen; bij de uitgekeerde instelling geven de eisen die het bestaan in de gemeenschap stelt de doorslag.
De ingekeerde instelling is de vrouwelijke instelling, waarbij het persoonlijke leven temidden van een kleine groep vertrouwden in het middelpunt staat; de uitgekeerde de mannelijke, waarbij de plaats in de gemeenschap de voorrang heeft.
Doordat de eigenschappen van de geest zich door de geestgedaante heen in het lichaam uitdrukken, zijn de vorm van het vrouwelijke en het mannelijke geslachtsorgaan de onmiddellijke weergave in de stof van de ingekeerde en de uitgekeerde instelling.

Zie ook: aantrekking en afstoting; middelpuntvliedend en middelpuntzoekend.

In de astrologie komt de betekenis van Saturnus overeen met de ingekeerde instelling en die van Jupiter met de uitgekeerde instelling.
In de I Tjing (I Ching) komt de betekenis van Ken (Gen) overeen met de ingekeerde instelling en de betekenis van Twéi (Dui) met de uitgekeerde instelling.
Ken betekent onder andere: 'innerlijk', 'inkeer', 'stilhouden', 'bij zichzelf blijven'.
Twéi betekent onder andere: 'samenkomst', 'bespreking', 'vrienden'.


terug naar de woordenlijst






^