ziel, etymologie


De etymologische beschrijving van de betekenis van het woord 'ziel', komt volkomen overeen met wat met het geopende geestesoog daarover in de geestelijke wereld kan worden waargenomen.
Het Oudnederfrankische woord 'sela', 'ziel' hangt samen met het Gotische woord 'saiwala', met de betekenis: 'binnenzeetje', 'meertje', een verkleinwoord van het Gotische 'saiws': 'binnenzee', 'meer'. De 'ziel' hangt samen met de 'zee', met het water dat door een andere kracht kan worden bewogen: door de wind en de maan. De ziel als uitstraling deed zich aan mijn geopende geestesoog inderdaad als een soort 'binnenzeetje' voor: een waterachtig beweeglijke en bontgekleurde lichtruimte om de mens heen.
Het Oudnederfrankische 'sela' hangt ook samen met 'selitha' en het Gotische 'salida', die beide: 'woning', 'vertrek', 'zaal' betekenen. Een 'zaal' is een 'inwendige ruimte' in een huis en een van de betekenissen van het woord 'ziel' in het hedendaagse Nederlands dat hiermee samenhangt is: de inwendige ruimte van voorwerpen, zoals de ziel van een fles of van de loop van een kanon.

Een Middelnederlands woord voor een bepaald vrouwenkledingstuk, een nauwsluitend jasje, is: 'zieltje' of 'lijfje'. Het geestesoog ziet de ziel inderdaad als een soort lichtende bekleding, een gekleurde jas, een omhulling van de geest en het lichaam.
Het Gotische woord 'saiwala' hangt samen met het Oudgriekse 'aiolos' dat: het 'beweegbare', 'veranderlijke', 'fonkelende' betekent. Deze betekenis hangt weer samen met het Latijnse 'aura', dat 'uitwaseming', 'uitstraling', 'glans' betekent; het woord 'aura' is als leenwoord in het Nederlands de gangbare benaming voor 'ziel' als zichtbare uitstraling geworden. Dit zijn voor het geopende geestesoog duidelijk herkenbare omschrijvingen van de ziel als uitstraling van de geest.

Hiervan uitgaande betekent het woord 'ziel': een woonruimte in de vorm van een beweeglijke, gekleurde uitstraling. Een uitstraling ('aura') kan alleen uit een bron afkomstig zijn. Deze bron woont zelf in de eigen uitstraling en kan die ook in beweging brengen. De bron van die uitstraling is de geest als 'het van leven bruisende'. Met andere woorden: de geest als bron is de oorzaak van de ziel als uitstraling, de zelfgevormde 'woning' van de geest.


terug naar de woordenlijst






^