tatoeage en piercing


De woorden 'tatoeage' en 'tattoo' hangen samen met het Tahitiaanse woord 'tatu', dat 'vlek' of 'merkteken' betekent.
Het aanbrengen van een tatoeage gebeurt door met een naald een kleurstof door de opperhuid heen op de lederhuid eronder aan te brengen, waar die gedurende lange tijd aanwezig blijft.
De behoefte om het lichaam te merken door merktekens (tatoeage of piercing) op de huid aan te brengen, was in de oudheid al aanwezig en was verspreid over de hele wereld. In primitieve samenlevingen kon het een godsdienstige betekenis hebben of was het bedoeld om de groepsgeest van de stam te versterken en zich van andere stammen te onderscheiden.
De huidige beweegredenen om een tatoeage te laten zetten of een piercing te laten aanbrengen, kunnen er meerdere zijn:
- de verfraaiing van het lichaam,
- de behoefte de aandacht te trekken,
- de behoefte de eigen identiteit te benadrukken
- en zich van anderen te willen onderscheiden,
- een uiting van verzet tegen gezag, of
- bij een groep willen horen.
Klik hier voor een artikel van Kennislink waarin het verschijnsel 'tatoeage' nader wordt besproken
en klik hier voor dermatologische voorlichting over dit onderwerp.

Vóór men ertoe besluit een merkteken op het lichaam te laten aanbrengen, is het nuttig een aantal zaken te overwegen.
1. Twintig procent van de getatoeëerden, waaronder vooral vrouwen, krijgt spijt en wil het laten verwijderen (klik hier voor een artikel over dat onderwerp). Dat kan alleen door een dermatoloog op een verantwoorde wijze gebeuren.
2. Er zullen mensen in de omgeving zijn die een tatoeage of piercing wel kunnen waarderen of wie het onverschillig laat, maar bij anderen kan het een gevoel van walging oproepen, wat de verstandhouding met hen ernstig kan verstoren.
3. De inkt kan een gevaar voor de gezondheid zijn. Voor cosmetica, die óp de huid(!) worden aangebracht en ook weer worden verwijderd, gelden strenge toelatingsnormen en zij worden daarom uitgebreid onderzocht op gevaren voor de gezondheid. Voor tatoeage-inkten, die ín de huid(!) worden gespoten en daar altijd blijven zitten, zijn deze onderzoeken er niet. Er zijn alleen lijsten van verboden kleurstoffen, waarvan men uit andere onderzoeken weet dat ze giftig of kankerverwekkend kunnen zijn.
De eerste geleerde die onderzoek heeft gedaan naar de gevaren voor de gezondheid van tatoeage-inkten, heeft vastgesteld dat ze door de huid heen in lymfeklieren terechtkomen en bij verwijdering van de tatoeage in het bloed terechtkomen en zich door het lichaam verspreiden. Gezien de giftige eigenschappen van de onderzochte stoffen raadt hij iedereen die graag gezond oud wil worden, ten stelligste af een tatoeage te laten zetten. Klik hier voor een verslag van zijn bevindingen.

4. De geestestoestand van onbewuste vereenzelviging
Iedereen die op aarde in een stoffelijk lichaam wordt geboren, gaat vanuit de volwassen geestestoestand in de geestelijke wereld, weer terug naar een kinderlijke toestand op aarde; in die toestand is de geest weer onbewust en onbeheerst geworden. De neerdalende geest móet zijn bewustzijn en geestkracht inhouden, anders zou het jonge lichaampje op aarde bezwijken.
Daardoor komt de (op aarde) 'pasgeboren' geest in een toestand van onbewustheid van zichzelf te verkeren. Vervolgens bereiken vanuit de stoffelijke wereld veel en krachtige zintuiglijke indrukken die onbewust geworden geest, die door de inwerkingen vanuit de stoffelijke wereld weer wordt gewekt. Die wereld wordt daardoor dé 'werkelijkheid' (dat, wat werkt). Daardoor worden aandacht en toewijding van de (op aarde) nog jonge geest naar buiten getrokken, waardoor de geest aandacht en toewijding op de buitenwereld overdraagt. Zo ontstaat de geestelijke aanvangstoestand waarmee iedere mens aan het bestaan op aarde begint: de toestand van onbewuste vereenzelviging - eerst met de omgeving en later met het eigen lichaam. Men is er daardoor vast van overtuigd 'het lichaam te zijn'.
Door de band met de stof, die het tegendeel is van zichzelf als de bewuste levenskracht, de menselijke geest, blijft de geest aanvankelijk onbewust van zichzelf, maar is zich wel bewust geworden van de omgeving. De geest komt daardoor in een toestand te verkeren waarin er alleen maar aandacht en toewijding is voor de omgéving en niet voor zichzelf als de vermogende levenskracht. Het is hierdoor dat de menselijke geest op de aarde zich alleen bewust is van de stoffelijke wereld en de geestelijke wereld niet meer kan zien.

Door studie en door eigen ervaringen kan de mens zich de wezenlijke vraag gaan stellen: "Wie bén ik eigenlijk" en "Is dit wel alles wat er is?" Om vervolgens weer tot zichzelf te kunnen komen is het inzicht in de geestestoestand van onbewuste vereenzelviging noodzakelijk om te begrijpen hoe je, door de stof weer los te laten en aandacht en toewijding door inkeer op zichzelf te richten, tot geestelijk zelfbesef kunt komen. Door de werkzaamheid van de geestelijke vermogens in zichzelf te leren onderscheiden van de invloeden uit de buitenwereld, kan dat geestelijke zelfbesef langzaamaan toenemen, zodanig, dat ten slotte het geestesoog kan worden geopend en de band met de begeleidende vrienden en vriendinnen in de geestelijke wereld bewust tot stand kan komen.

Om tot geestelijke ontwikkeling te kunnen komen, is het noodzakelijk zich te onthechten van datgene, wat die groei remt doordat het de aandacht en de toewijding voor zich opeist: het stoffelijke lichaam. Het lichaam moet weliswaar goed worden verzorgd, maar het moet niet het doel zijn; het doel van het bestaan op aarde is juist geestelijke groei door zich van de stof te leren onderscheiden.

Het aanbrengen van een merkteken op het lichaam in de vorm van een tatoeage komt overeen met wat een fabrikant doet, die het merkteken van zijn bedrijf op zijn product aanbrengt, bijvoorbeeld op een kledingstuk. Het lichaam is zelf immers ook een kledingstuk, gezien de oorspronkelijke betekenis van het woord 'lichaam', dat afkomstig is van 'lik-hamo': 'vlees-hemd'; het lichaam is het 'vlees-hemd' dat de geest nodig heeft als een voertuig om zich op deze aarde te kunnen bewegen.
Een tatoeage of piercing is een merkteken, dat de bedoeling heeft de aandacht te trekken. Maar daardoor wordt de aandacht juist gericht op het onwezenlijke deel van de mens: het vergankelijke lichaam. Daardoor wordt het tegendeel gedaan van wat noodzakelijk is voor geestelijke groei: de aandacht losmaken van het lichaam en die naar binnen richten naar de geest, die in de eigen binnenwereld herkenbaar is aan de werking van de geestelijke vermogens: het waarnemen, denken, voelen en willen.

In het verloop van de geestelijke geschiedenis van de mensheid (zie aldaar in het menu van deze website) is de mensheid nu weliswaar over het dieptepunt van het midden heen (dat was Atlantis), maar het huidige beschavingstijdperk wordt gekenmerkt door 'willen ondernemen in de buitenwereld'; daardoor zijn aandacht en toewijding geheel op de buitenwereld gericht, en daardoor ook op het lichaam. Daardoor staat alles wat zintuiglijk ervaarbaar is in het middelpunt van de belangstelling.
Het aanbrengen van een tatoeage of een piercing heeft als doel die zintuiglijke ervaarbaarheid van het lichaam te bevorderen... wat het volstrekte tegendeel is van geestelijke ontwikkeling.

5. Gelovigen zullen bij het zien van een tatoeage of een piercing denken aan het woord van Paulus in zijn eerste brief aan de Korinthiërs: Weet gij niet, dat gij Gods tempel zijt en dat de Geest Gods in u woont? Zo iemand Gods tempel schendt, God zal hem schenden. Want de tempel Gods, en dat zijt gij, is heilig! (I Korinthiërs 3:16-17)


terug naar de vragenlijst






^